past > 2001 > diners 9.68 > detail

‘diners 9.68’
concept: karel goudsblom, aldert mantje
Op drie avonden worden bij outLINE diners georganiseerd waarbij genodigden door een gespreksleider worden gestimuleerd om met elkaar te discussiëren naar aanleiding van een prikkelend thema. Elk thema heeft betrekking op de stand van zaken in de kunstwereld. De ambiance is feestelijk en uitnodigend. De maaltijden worden bereid op de 'Cucina Mobile' van beeldend kunstenaar Rebecca Sakoun.

Boven de gedekte tafel hangt '9.68', een sculptuur van Karel Goudsblom en Aldert Mantje in de vorm van twee atleten tegenover elkaar in spreidstand. De maaltijden zijn volgens het thema gedecoreerd. Zo valt in de aardappelpuree van het eerste diner een voorstelling van Lenin te ontdekken. De genodigden zijn actief in de kunstwereld of daar op één of andere wijze mee verbonden. De gasten vertegenwoordigen bovendien verschillende generaties. Sommige vakgenoten kunnen voor het eerst in levende lijve elkaars standpunten en motivaties horen. De bediening wordt verzorgd door de organisatoren van outLINE: Dirk Jan Jager, Mariëtte Renssen en Jeroen Vader.

10 february 'het laatste linkse eten'
Gespreksleider: Ron Miltenburg, anchorman 'De Hoeksteen Live!'-tv en kunstenaar

Van door de maatschappelijke context gevormde afhankelijke wezens zijn wij onder de invloed van de liberale tijdgeest getransformeerd tot autonome, rationeel calculerende individuen. Een boodschap hebben, laat staan een vormings-ideaal, is sluipenderwijs gebrandmerkt als een obstakel voor kunstenaars om te komen tot prikkelend en aansprekend werk. Na de verbrokkeling en ontrafeling van het Grote Linkse Verhaal hebben we van geëngageerde kunst weinig meer vernomen. outLINE wil dit niet ongemerkt voorbij laten gaan en deze episode ritueel afsluiten met een Bijbels aandoend avondmaal. Een moment van rust om nog eenmaal stil te staan bij wat een vervlogen tijd lijkt. Maar wie weet, misschien ook een startpunt om met nieuwe energie de neoliberale Keizer van zijn kleren te ontdoen en de weg te verkennen van een op moderne leest geschoeid hernieuwd engagement.

Genodigden: Connie Dekker, Sandra Derks, Hedwig Feyen, Paul Groot, Fons Hof, Arjen Lancel, Madeleine van Lennep, Annettte Palstra, Thomas Peutz, Maarten van Poelgeest, Gert Jan van Rooij, Rein Jelle Terpstra en David Veldhoen.

17 february 'het algemeen schildersverbod'
Gespreksleider: Tom Kellerhuis, redacteur cultuur HP/De Tijd

Voor Aldert Mantje leek het soms alsof potentiële subsidiegevers met elkaar hadden afsgesproken de schilderkunst niet langer te steunen. Dat de schilderkunst een marginale rol kreeg toebedeeld door catherines David bij de Documenta van 1997 en dat ook de Gemeentelijk Kunstaankopen van de Gemeente Amsterdam nauwelijks schilderkunst bevatten valt niet te ontkennen. Toch is de belangstelling bij publiek en tentoonstellingsmakers nooit verdwenen en is die belangstelling zelfs weer groeiend. De schilder Michael Raedecker werd genomineerd voor de Turner Prize 2000. Weliswaar was dat naast alle video- en performancekunstenaars, maar gaf ook aan dat het schilderkunstig experiment nog steeds belangrijk wordt gevonden naast alle andere mogelijke kunstvormen.

Genodigden: Tiong Ang, Toos Arends, Gijs Assmann, Eric Beets, Hans Booy, Paul Donker Duyvis, Ab van Hanegem, Ans Hom, Peter Lelliott, André Mesman, Jan van der Ploeg, Tineke Reijnders, Kees Schouten, Jorinde Seijdel en Dirk Vermeulen.

24 february 'het geparfumeerd anarchisme'
Gespreksleider: Marja Bosma, conservator moderne kunst Centraal Museum Utrecht

Er werd gediscussieerd naar aanleiding van een aantal prikkelende stellingen van publicist/kunsthistoricus Paul Kempers. Volgens Kempers zijn eigenschappe als innerlijke weerbarstigheid en rebellie niet langer het exclusieve domein van de kunstenaar.

Genodigden: Marieke van Diemen, Tom van Gestel, Hanne Hagenaars, Rudy Hendriquez, Lisa Holden, Hans van Houwelingen, Frank Mandersloot, Joep Neefjes, Willem Sanders, Danne Schoonhoven, Peter Seyen, Christine Sluysmans, Vincent Vlasblom en Janneke Wesseling.

STELLINGEN

  1. Het beste bewijs voor de stelling dat anarchie in Nederland-kunstenland onmogelijk is wordt gevormd door het bestaan van gesubsidieerde kunstenaarsinitiatieven.

  2. Kunst is niets anders dan het resultaat van de kortsluiting tussen de waarneming van de werkelijkheid en de wil de werkelijkheid te transformeren. Dit is in wezen een anarchistische houding (ik ben zelf de maat van alle dingen) Ergo: ware kunst is altijd anarchistisch.

  3. Discussiëren over anarchie is even absurd als het parfumeren van een Achterhoeks scharrelvarken.

  4. De laatste anarchist in de kunst is (hoe vervelend het ook is om toe te geven) Marcel Duchamp. Zijn erfgenamen hebben geen andere functie dan die van placebo.

  5. Alle kunst is effectbejag en daarom is het niet meer dan logisch dat de media en de lifestyle-industrie zo handig inhaken op de door de kunst uitgevonden presentatievormen.

  6. Wie echt oorspronkelijk is weigert te discussiëren over oorspronkelijkheid.

  7. Er bestaat geen tegenstelling tussen "gevestigde" kunst en autonome "anarchistische" kunst. De een hangt in het museum, de ander krijgt geld van de Mondriaanstichting. Sugar daddy Rudi en sugar daddy Melle slapen in hetzelfde bed, met Bea tussen hen in als bewaakster van de goede smaak.

  8. Ooit werd kunst geacht commentaar te leveren op de wereld; nu is ze een probleemloos onderdeel van diezelfde spektakelmaatschappij geworden. En niemand die er wakker van ligt.

  9. In de spektakelmaatschappij van nu is iedereen gelijk en niemand is minder gelijk dan iedereen. De kunstenaar dient zich te voegen.

  10. Zoals Coco Chanel al zei: Spreken is zilver, parfumeren is goud.

go to the introduction page of this projectgo to the background page of this project